KNIL  piekhelm onderofficieren,
(officieren hadden een ketting en een andere piek )  kurken helm, overtrokken met zwarte stof en voorzien van een koperen helmplaat, waarachter een oranje rozet.  ( niet langer in mijn collectie )

klik op de foto voor een collage van foto's
en details.
Hieronder informatie en tekst over een aantal hoofddeksels.
een bijdrage van Fred Sint, waarvoor dank.

Helmhoeden ( piekhelmen )
De Kolbak
De pet.
De kwartiermuts m1894-1905

De Helm hoeden van het voormalig KNIL ( piekhelmen )


Al vanaf de begin van de jaren 1880 zien we verscheidende artikelen in het
Indisch Militair Tydschrift verschijnen(de spreekbuis van het KNIL militaire
corps) die - voor wat betreft de hoofdeksels die tot dan toe werden
gedragen -de nodige kritiek liet horen! Het duurde echter nog enige jaren
voordat een commissie werd samengesteld die de nodige veranderingen
voorstelde die in 1885 werden ingevoerd.

Ingevoerd werd een Helmhoed naar Engels model voor manschappen en
onderofficieren!

Deze was voorzien van blauwe serge stof, met een lederen kinketting voorzien
van twee grote messing leeuwen aan de zijkant om deze lederen stormketting
te bevestigen! Voorop de helmhoed bevond zich een koperen plaat voorzien van
het Indische rijkswapen met daarachter een stukje oranje geverfde leer.
Op de top bevond zich een gebeeld houwde messing messing  leeuw eveneens van
messing die in klein tenue er af geschroefd kom worden! Zodat alleen een
sluitdop van messing overbleef.

Deze is  onveranderd doorgedragen tot 1894 toen de Leeuw veranderd werd in
een staande piek. Eveneens los te schroeven.

Tevens werd in 1894 aan de officieren eveneens een helmhoed uitgereikt,!
Deze was van veel betere kwaliteit, en meestal van zwarte zijde of katoen
gemaakt! De helmleeuwtjes waren van het medaillon type, en de kinketting was
van geschakelde messing ringen. Tevens werd de sluitdop voorzien van enige
opgelegde eiketakken van messing., en het achtergrondje van  leer was nu van
geplooide oranje stof.

Voor de hoofdofficieren kwam hier in 1896 al verandering in toen de opstaande
naden  werden voorzien van biezen van goud of zilver draad, al naar gelang
het onderdeel van de drager..Het is dus niet zo dat dit een uitmonstering
was van Generaals, maar alle hoofdofficieren hadden dit.!

Tevens was in 1894 een zelfde helmhoed ingevoerd voor officieren om te
dragen bij de witte Attilla.Deze was precies eender als de zwarte maar nu
geheel van wit Russich linnen of katoen gemaakt.!

Een collega verzamelaar in ruste vult aan:
De manschappenhelm had een  open helmplaat. De eerste manschappen hadden een totaal gesloten plaat, aleen de orange rozet werd er met verf opgeschilderd.
De eerste helmhoed voor de manschappen was van een ander model dan de helm uit 1891.Hij was laag en van geperst vilt. In grote tenue de leeuw ( die werd niet geschroefd maar zat door middel van een beugeltje vast).
In kleine tenue een serge dop met luchtgaten.
Pas bij het nieuwe model 1891 kwam de koperen piek en de koperen dop in klein tenue. Tijdens gevechtsactie's ging alles er af op de leeuwkoppen na die dan zwart werden gemaakt.


DE KOLBAK VAN HET KNIL

Een geliefd hoofdeksel bij het Nederlandse leger, en natuurlijk ontkwam het KNIL er ook niet aan om dit hoofdeksel te dragen. Zij het dat deze alleen maar werd ingevoerd voor een categorie militairen. Namelijk de opperofficieren van het KNIL. Gedragen tijdens parades en officiele gelegenheden.

Ingevoerd in 1856 en sindsdien onveranderd gedragen tot 1942.

Omschrijving volgens het Koninklijk besluit van 1909:

"Kolbak, van zwart geverfd berenvel (castor)van voren hoog 20cm, van achteren 23cm, van boven in middellijn 23cm, de bodem van zwart verlakt leder, ter diepte van 4,4 cm, waarin een ponceaurode lakense zak met gouden biezen en een mat gouden kwast van bouillons.
De zak wordt in de bovenrand vastgemaakt en hangt ter rechterzijde af.

Een ovaalronde kokarde van oranje zijde, omgeven met  5 rijen gouden pailetten, daarboven een tulp van verguld metaal, waarin een aigrette ter lengte van 17cm.
Ketting van mat verguld metaal, die aan haken, mede van verguld metaal-en van onderen aan beide zijden van de kolbak geplaatst-wordt bevestigd.

Kolbaksnoeren van massief verguld zilverdraad, Aan beide zijden van het hoofdeksels bevestigd aan een ring van verguld metaal en de uiteinden der snoeren van de pelsknoop op de borst der attilla."

Dit dus volgens de officiele besluiten, wat opvalt is dat deze kolbak niets meer en minder is dan de gewone Huzaren kolbak van het Nederlandse leger, behalve dan enige verschillen in garnituur.
Aardig is wel te vermelden dat de kolbaksnoeren van verguld zilver zijn en niet van goud, heb veel verzamelaars pogingen zien doen om dit te veranderen(niet meer doen dus)

Er is echter een probleem: De foto's die ik ken van dit hoofddeksel laten een kolbak zien die vele malen hoger is dan de vermelde 20 cm, en dat is dus niet conform de voorschriften, en eerlijk gezegd is mij dit ook een raadsel. Feit is echter wel dat ook in Nederlandsch Indie het "buitenmodel" geen onbekend verschijnsel was. Ook kende de Genraals kolbak geen leeuwtjes om de ketting, dit waren simpele haken van mat verguld metaal.

Rest mij nog te vermelden dat de kolbak van de generale staf in Indie onbekend was.
hier volgt nog wat tekst van
http://www.clubs.nl/community/default.asp?club=Nederlandse+krijgsmacht+1940

In 1936 werd het verbeterde model 1934 ook ingevoerd bij het KNIL , waarbij de helm aan de achterkant twee cm korter werd en het binnenwerk bestond uit drie dubbele geperforeerde flappen , een vaste vilten voering en een zwart lederen nekbedekking van ca 25 cm breed en 18 cm lang. Deze helm , ook wel KNIL-helm genoemd , was echter ook in gebruik bij het Korps Mariniers.
Gewicht ca 1050 gram , lengte 27 cm , breedte 22,5 cm , hoogte 14,4 cm.
nog een bijdrage van F.A. sint


De pet (gekleed) van het KNIL ( model 1905 )

Wie kent ze niet? De welbekende kepie zoals die zolang door het Nederlandse leger is gedragen. Het Knil heeft deze Kepie al een tijdje eerder ingevoerd namelijk in 1905 drie jaar voor  de invoering van de beide attillas voor alle rangen in 1908. Alleen bleef dit hoofddeksel hardnekkig en ook in alle voorschriften platte pet of blauwe pet heten. Eventueel met de toevoeging gekleed, dit om een onderscheid te maken met de eveneens platte pet voor het veld tenue welke  is ingevoerd in 1912. Ik heb er voor gekozen om bij de beschrijvingen mij zoveel mogelijk te houden aan de officiele kledingvoorschriften , daar deze toch wel het meeste houvast bieden. Zover ik heb kunnen nagaan is de platte pet in zijn hele bestaan op geen enkel punt gewijzigd of aangepast.


Manschappen:

Van donkerblauw laken van  wol, met ronde bodem, hoog voor 9 1/2 cm , achter 13 1/2 cm; rechte klep van verlakt leder:stormband van verlakt tuigleder met gesp en schuifpassant.
Van onderen een band van geel koord breed 7mm, aan de achterzijde eindigende in een figuurknoop.
Een kokarde pompoen van geel of wit geperst blik omzet met vijf rijen torsades van pers blik met lis en knoop (deze knopen om de kokarde en de stormband mee te bevestigen waren in alle gevallen van blank metaal, bij mijn weten heeft het KNIL de leeuwenkop knop nooit op deze pet gedragen)de metalen delen verguld.
de bol gebiesd met de kleur zoals voorgeschreven voor wapen of dienstvak.

Onderofficieren:

Van donkerblauw laken van fijne wol, met ronde bodem, hoog voor 9 1/2 cm , achter 13 1/2 cm;rechte klep van verlakt leder:stormband van verlakt tuigleder met gesp en schuifpassant.
Van onderen een band van geel koordzijde koord breed7mm, aan de achterzijde eindigende in een figuurknoop.
Een kokarde pompoen van oranje koordzijde omzet met vijf rijen gele of witte  torsades met lis en knoop de metalen delen verguld.
de bol gebiesd met de kleur zoals voorgeschreven voor wapen of dienstvak

Officieren:

Van donkerblauw laken van fijne wol, met ronde bodem, hoog voor 9 1/2 cm , achter 13 1/2 cm; rechte klep van verlakt leder:stormband van verlakt tuigleder met gesp en schuifpassant.
Van onderen een band van gouden koord breed7mm, aan de achterzijde eindigende in een figuurknoop.
Een kokarde pompoen van oranje zijde omzet met vijf rijen gouden of zilveren torsades met lis en knoop de metalen delen verguld.
de bol gebiesd met de kleur zoals voorgeschreven voor wapen of dienstvak. Echter bij de hoofdofficieren vervangen door een bies van goud of zilverdraad.

Opperofficieren:

Als voor officieren maar de rechtopstaande naden van de pet voorzien van een gouden soutache bies.


De wapens of dienstvakken.

De enigste manier om een KNIL kepie te indentificeren is door middel van de wapenkleur om de bol, en of de uitmonstering of wel wit of zilver, of goud dan wel geel was. We zullen er eens een nadere blik op werken

INFANTERIE:
Oranje bies om de bol. Gouden of gele uitmonstering.

ARTILLERIE
Ponceau-rode bies, gouden of gele uitmonstering

GENIE
Ponceau-rode bies, gouden of gele uitmonstering

CAVALERIE
Ponceau-rode bies, zilveren of witte uitmonstering

ADMINISTRATIE
karmozijn-rode bies,zilveren of witte uitmonstering

OFFICIEREN VAN GEZONDHEID
ponceau-rode bies, gouden of gele uitmonstering

INTENDANCE
karmozijn-rode bies,gouden of gele uitmonstering

GENERALE STAF
Oranje bies om de bol. Gouden of gele uitmonstering.(pas in  1934 werd de wapenkleur korenblauw)

TOPOGRAFISCHE DIENST
Groene bies, gouden of gele uitmonstering

KORPS MARECHAUSSEE TE ATJEH
Oranje bies om de bol. Gouden of gele uitmonstering.


Helmen in de collectie van het Leger en Wapenmuseum Delft
De kwartiermuts m1894-1905

Alhoewel dit type hoofdeksel al eerder was imgevoerd is het pas bij het KB van 1896 dat deze in de uniformbesluiten goed werd beschreven. Onderstaand een samenvoeging van de besluiten betreffend dit hoofdeksel.

De kwartiermuts voor hoofd-
en subalterne officieren en adjudant-onderofficieren werd nu eveneens nader vastgesteld. Dit zou tevens het laatste model zijn; in 1905 kwam de zogenaamde pet er voor in de plaats, in navolging van de KL, waar, zoals bekend, hij kepie werd genoemd.
Dit
hoofdeksel zou tot 1942 tot de uniform blijven behoren.
Hij zag er als volgt uit (zie afbeelding).
Van blauw laken, van buiten zonder plooien, van voren lager dan van achteren, ovale bodem, voorzien van een band van goud of zilver (weer overeenkomstig het metaal der knopen). voor hoofd- en subalterne officieren breed 26 mm, voor adjudant-onder officieren breed 15 mm, afgebiesd boven en onder in de uitmonsteringskleur, voorts  langs de bol en opgaand langs de achterzijde een bies, voor subalterne officieren en adjudant-onderofficieren in de uitmonsteringskleur, voor hoofdofficieren van goud of
zilver tres, 1 mm breed (weer overeenkomstig het metaal der knopen), van voren voorzien van ovale pompon(Noot:deze cocarde werd in 1896 ingevoerd en werd niet gedragen in de jaren 1894-1896), bovenzijde gelijk met de bodem, onder aan de pompon een gouden of zilveren lis om een dito knoopje ter hoogte van het galon, kokarde van koordzijde in het hart van de pompon, waaromheen vijf gouden of zilveren torsades
(weer overeenkomstig het metaal der knopen).
KNIL officier 1894
Helm uit eigen collectie
Klik op de foto voor een collage en details.
Helm, vermoedelijk van het regiment van Heutz, naar voorbeeld van de helmen van de KNIL.
Deze helm heeft echter geen geplooide rozet achter de helmplaat. Het bolletje bovenop is waarschijnlijk creatief knutselwerk van een vorige eigenaar.
Helm uit eigen collectie
Klik op de foto voor een collage en details.
voor alle afbeeldingen geldt
Copyright Michel van Grinsven
De foto's mogen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming
niet gebruikt worden door derden.
kwartiermuts
( afgeschaft in 1904)
de van Heutz helm
zoals heden wordt gedragen
eigen collectie
Klik hier voor informatie over de KNIL helm
terug naar start